Rapport Friese Odensehuizen

odensehuizen_friesland

De Tao of Care deed onderzoek naar de Friese Odensehuizen, gesitueerd in Burgum, Drachten en Leeuwarden. Zo werd gekeken naar de invloed van bezoek aan een Odensehuis op zelfwaardering, de omgang met veranderingen en de mate waarin men het gevoel heeft erbij te horen. We vergeleken de verschillende locaties en deden aanbevelingen voor het voortzetten en de verdere ontwikkeling van deze Friese Odensehuizen.

Conclusies

* Mensen met dementie en hun naasten vinden in het Odensehuis ontmoeting en steun die aansluit bij hun behoeften. In het bijzonder in de beginfase nemen sociale contacten af en worden mensen steeds geconfronteerd met verliezen. In het Odensehuis is er begrip en herkenning en bouwen bezoekers een (zorgend) netwerk op en voelen zij zich gewaardeerd. Het onderling uitwisselen van ervaringen biedt nieuwe perspectieven voor het omgaan met veranderingen. Partners kunnen er in tegenstelling tot soms thuis, samen ontspannen of vinden rust doordat hun naaste naar een vertrouwde plek gaat. Samen versterken deze elementen het gevoel van erbij horen in het Odensehuis, maar ook daar buiten.
* De locatie in een zorginstelling verhoogt de drempel voor een eerste bezoek door negatieve associaties met zorgafhankelijkheid en verpleeghuisopname. Als men eenmaal vertrouwd is, vormt dit geen belemmering meer om te komen. De locatie in de wijk vergroot de inloop van (nieuwe) bezoekers. Het over de drempel helpen en begeleiden van stap naar het Odensehuis toe is onafhankelijk van de locatie een belangrijk aandachtspunt.
* De Odensehuizen hebben baadt bij structurele financiering en inbedding in een breder netwerk. In Friesland kunnen andere partijen zich aansluiten bij de initiatiefnemers en gezamenlijk zoeken naar oplossingen voor het voortzetten en verder ontwikkelen van de drie Odensehuizen.

Aanbevelingen

* Inzicht in de betekenis van het Odensehuis voor bezoekers is noodzakelijk voor het creëren van draagvlak. De inzichten uit het onderzoek vormen hiervoor een eerste aanzet. Daarnaast kan verder gemonitord worden op (kosten)besparingen door eerdere en betere ondersteuning in de beginfase en het voorkomen van overbelasting bij naasten. Het voortzetten van evaluatiegesprekken met bezoekers (bijvoorbeeld met de N=1 methode) helpt om steeds te onderzoeken hoe in de Ondesehuizen aansluiting gezocht kan worden op wat voor de bezoekers persoonlijk nodig en van betekenis is.
* De balans in de groep tussen mensen met beginnende, verder gevorderde en mensen zonder dementie vergt aandacht van de gastheer en –vrouw, en vrijwilligers. Betrokkenen van de Friese- en Nederlandse Odensehuizen kunnen mogelijk onderling leren van elkaars ervaringen in de omgang met diverse bezoekers en het waarborgen van een veilige en vertrouwde plek voor mensen met dementie en hun naasten.
* Een eigen website en zichtbaarheid in de wijk vergroten de bekendheid van de Odensehuizen onder nieuwe bezoekers. Daarnaast draagt outreachend werken niet alleen bij aan bekendheid van het Odensehuis, maar worden mensen ook geholpen om de eerste stap richting het Odensehuis te zetten. Partijen zoals kerken, verenigingen en buurthuizen kunnen hier ook aan bijdragen.
* Voor inbedding van de Friese Odensehuizen in een breder netwerk is het noodzakelijk dat partijen samen verantwoordelijkheid nemen voor het voortbestaan en de ontwikkeling van de Odensehuizen door meerjarige afspraken te maken over de financiering.